de Sandra Blog

on work life balance

Archief voor diversity

Priorities. Makes life easier for busy professionals.

Priorities – Professional Organizing is specialist werk-prive balans (werkdruk preventie en work life balance).

Sinds 2004 heb ik mij gespecialiseerd in work life balance. Priorities heeft een tweejarig (fulltime) project gedaan met o.a.:

- (elektronische) enquêtes onder ruim 100 bezoekers van de beurs Gezond in Bedrijf en medewerkers van 2 ICT-bedrijven over het belang van een goede werk – privé balans

- interviews met bedrijfsartsen, HRM managers en arbo professionals

- diepte interviews afgenomen met directies van twee bedrijven over werkgeversaspecten rond balans werk en privé

Met deze input is De Balanstool Priorities.nu – de berekening van de balans in het werk en de balans tussen werk en privé ontwikkeld en gelanceerd. Het is een internetapplicatie die ontworpen was om ‘intuïtief’ te kunnen gebruiken. In de praktijk is de tool zonder training en uitleg niet te gebruiken, vanwege de omvang van de tool en de ICT. Dit najaar verzorgt Priorities hier workshops voor, met uitgebreide gebruikershandleiding, opdrachten, persoonlijke begeleiding en persoonlijke route door de tool. 

De balanstool Priorities.nu in getallen

- ontwikkeltraject 7 maanden team van 1-4 ICT ontwikkelaars

- uittesten door medewerkers van 2 ICT bedrijven

- doorontwikkeling na uittesten

- totale kosten project: rond € 150.000 

Positionering van het belang van werk – privé balans. Achtergrond uit het (nationale en internationale) vakgebied en de vakliteratuur. Mr Sandra Kruijt Priorities – Professional Organizing

Met dit document breng ik de achtergrond, de marktbeweging en het vakgebied in kaart, die aan de basis liggen van mijn werk met Priorities. Preventie van ziekteverzuim, stresspreventie, gezondheidsmanagement: verschillende invalshoeken voor de noodzaak van work life balance. Het is een greep uit het vakgebied dat Priorities bijhoudt. Het is bedoeld om mensen uit andere disciplines en/of mensen voor wie de noodzaak van werk-privé balans niet voor zich spreekt, te informeren over dit onderwerp. Deze informatie wordt mede gebruikt in presentaties, lezingen, workshops, seminars van Priorities.

Priorities biedt:

- work life balance / time management presentaties en workshops voor bedrijven en organisaties. 

- individuele begeleiding van busy professionals.

 

Mijn werk-privé:

Om mijn gedachtegoed te laten zien, de ervaringen die ik in mijn werk heb opgedaan en om mijzelf als coach en work life balance specialist te laten kennen, ben ik in november 2009 dit blog begonnen.

Met: nieuwe inzichten voor de moderne man en vrouw – de koning onder de koninginnen – wat mannen en vrouwen van elkaar kunnen leren – nieuwe woorden voor de Nederlandse  werk-privé) taal – vlijtig liesje en lijzig vlietje. Voor een overzicht waarover ik schrijf, verwijs u graag naar ‘Het schilderij van allemaal puntjes’. 

Ik wens iedereen een fijne zomer met veel goede work life balance momenten. Mocht u na de zomer beslissen uw work life balance inzichten aan te vullen met de De Balanstool Priorities.nu of de inzichten die ik in presentaties, workshops of coaching bied: ik ben u graag van dienst!

Tot 26 juli a.s. ben ik met vakantie. Mijn vaste lezers hebben de Limited Edition van het Bonusverhaal ontvangen. U kunt zich ook aanmelden voor een email subscripion en dan krijgt u vast ook ooit zo’n ding.  

Aanbevolen:

Degene die pas laat in het jaar De Sandra Blog is gaan volgen, kan ik het lezen van de volgende posts aanraden.

Voor mannen en vrouwen die met verbazing en plezier naar elkaars verschillen kunnen kijken, neem ook eens een kijkje hier:

Wat heb je mooie enkels aan!

Old boys network ruil

Wat mannen van vrouwen kunnen leren

Motormuis en motorkapje 

Groot

Stamboom  

De koning onder de koninginnen

Alle mannen op de A4 doen het

Voor werkende ouders, nieuwe ouders, aankomende ouders of ouders die de verdeling werk en zorgtaken eens onder de loep willen nemen, zijn leuk om te lezen:

Put a ribbon in your hair

Pulse 

Even aan mijn mhoeder vragen .. lalala 

De prietpraat golflengte 

Een stapeltje blije was 

Humble 

De lakmoesproef

De eendimensionale taak 

De overtreffende trap 

Stront aan de knikker

 

 Gewoon leuk om te lezen, om drukte en werkstress achter je te laten:

Kabouter

De baas van alle honden

Boerka bananasplit

Muze – mooze / vrouw – man woordenboek 

Een nieuw woord voor de Nederlandse (werk-privé balans) taal

Waarom krijgen zij alle mooie woorden? 

Vlijtig Liesje 

Lijzig Vlietje 

Witte zwanen 

U vindt ze via het archief, via een zoekopdracht binnen het blog of via de populaire berichten, genoemd aan de rechterkant van het blog.

Priorities. Makes life easier for busy professionals.

Indische dametjes

Van de Heren van de thee naar de Indische dametjes. Vandaag realiseerde ik mij ineens de stand van de emancipatie van de vrouw, toen ik terugdacht aan mijn Indische oma en haar zussen.  

Laatst was ik op een Marokkaanse bruiloft en wat me, in gesprek met jonge Marokkaanse mensen altijd opvalt, is dat zij spreken over ‘de Nederlanders’. Nou weten zij niet dat ik zelf een generatie eerder ben opgegroeid in een huis waar ook werd gesproken over ‘de Nederlanders’ en ‘wij, Indische mensen’. Indische mensen waren namelijk ver voor de Marokkanen in Nederland.

Kort na de oorlog kwam mijn moeder hierheen met haar familie en zij vertelde van de kille ontvangst en de pudding met klonten erin die ze van haar Nederlandse familie kreeg. Voor mij is het altijd een vreemde gewaarwording als ik, in gesprek met een Marokkaans iemand, als ‘Nederlander’ wordt gestempeld. Dan moet ik altijd aan het verhaal van de pudding met klonten van mijn Indische moeder denken.

En zo dacht ik ineens terug aan de stand van de emancipatie in Nederland aan de hand van mijn Indische oma en oudtantes. Dat waren dametjes. Ik kan ze alleen maar als beeld voor me zien. Kaarsrecht op, fier, hoge hakken, bijpassende handtas, opgestoken haar met een speld erin. ’s Avonds werd er Wellaform in het haar gemasseerd en overdag werden de nagels zorgvuldig gemanicuurd. Met een handdoekje op tafel, vijlen, bijknippen, nagelriemen insmeren, lakken. Alles waar de Nederlandse vrouw nu voor naar een nailsalon gaat, deden zij onder gezellig geklets en gelach aan de tafel in huis.

Het lachen is, denk ik niet op papier te vatten. Beschaafd, hahahahahoe, vrolijke hilariteit, maar nooit overdreven. Mijn oma zou verstoord opkijken als ze mij zou horen lachen. Veel te hard, niet zoals een dame betaamd, zo zou zij naar mij kijken. Een blik zou voldoende zijn en ik zou het al snappen. Ik zou mijn lach inslikken of in ieder geval, als die niet meer in de slikken zou zijn, beschaafde roze blosjes krijgen en even naar de grond kijken of er al een gaatje was waar ik weg kon zakken. Alles beschaafd, klein, niet overdreven, keurig.

De stand van de Nederlandse emancipatie van de Nederlandse vrouw staat er in mijn ogen dus zo voor. We zijn allemaal wat mannelijker geworden. We hebben soms wat minder tijd voor de vrouwelijkheid. Dat manicuren sla ik tegenwoordig over. Ik oefen niet meer in patience, wat zij wel hele middagen deden, ik zit nooit (meer) aan tafel onder het manicuren en het patience spelen de hele middag te kletsen met mijn zus of vriendinnen.  

Ze waren ‘classy’, hadden veel stijl. En ik hoop dat deze vrouwelijkheid niet verloren gaat onder alle mannelijke andere eigenschappen die we tegenwoordig nodig hebben om mee te mogen doen.  Maar goed, je kunt niet alles hebben. En mee mogen doen en op jouw voorwaarden, is het ook niet helemaal. Daar zou mijn Indische oma mij ook weer streng voor aankijken.

Sandra Kruijt

Fraaie typetjes

Ik wil graag alle lezers van De Sandra Blog bedanken. Het is inspirerend dat u leest wat ik schrijf. Dank ook voor uw reacties via het blog, via de email, via twitter of een persoonlijk woord. Laatst kreeg ik een boek van iemand te leen dat ik moest lezen en laatst kreeg ik een kabouterkaartje met daarop:  ik heb de kinderen van je kabouter (http://wp.me/pIeGp-c5) gezien. Het kaartje staat op mijn bureau. Al deze reacties houden mijn schrijverspen gaan.

Nou heb ik een paar fraaie typetjes voor u geschetst. In de pen zitten nog meer typetjes, allemaal bakstenen waar je een gebouw mee kunt bouwen. Ik zal het uitleggen. Er zijn mensen die lezen een keer een post op mijn blog en gaan verder met wat ze doen. Prima.

Maar, ik kan er niets aan doen, ik heb een strategisch plan met mijn blog :-) (zie topvrouw verkiezing van het jaar om te leren dat ik dat eigenlijk helemaal niet mag zeggen). Dus: I have a (work life balance) dream. Ik zou het om die reden leuk vinden als u een abonnement op mijn blog neemt als u dat nog niet hebt. Dan volgt u namelijk het hele verhaal en dat vind ik het leukste. U krijgt dan een paar keer in de week automatisch (om 6.50 uur) per email het nieuwe bericht toegestuurd.

Work-life balance. Ik hoop dat u als lezer van het blog inmiddels al goed weet dat het geen keuze is uit 2 categorieën: of werk of privé. Maar dat het een keuze is uit hoe je je tijd verdeelt over 10-15 categorieën. En nou zijn mijn posts iedere keer een baksteen om uw work life balance bouwwerk naar keuze te kunnen bouwen, om de juiste keuze in die 10-15 categorieën verdeling tot stand te brengen. Voor u, de mensen in uw omgeving of de mensen op uw werk.  

We hebben de mensen voor wie alles geen probleem is. Work life balance is totaal geen issue. Het is allemaal een groot feest. Dan hebben we de mensen voor wie alles een groot probleem is. De mensen met burnout, die geweldige dingen in hun leven en werk hebben gedaan maar wiens vlammetje helemaal burnout is gegaan. Geen sprankeltje energie meer over om ook maar iets te doen.  En ergens op de glijdende schaal van deze twee uitersten bevinden heel veel u-tjes, ik-jes en alle-andertjes zich.

Nu doen we aan veel mensen onrecht door of te doen dat het allemaal één groot feest is, of te doen dat het één grote doffe ellende is. En daar ben ik voor om u al schrijvenderwijs af en toe aan het denken te zetten. U helpt daarmee weer de mensen in uw omgeving, werk of privé.

Als ik met iemand in gesprek ben over work-life balance zie ik bijvoorbeeld voor me: Ik heb hier te maken met mensen die in de Pulse stand staan (http://wp.me/pIeGp-3G), zij is Vlijtig Liesje en ze hebben vaak Stront aan de knikker (http://wp.me/pIeGp-bu). Zij is inmiddels zo’n boze vrouw (die moet ik nog schrijven) dat ze de Koning onder de Koninginnen (http://wp.me/pIeGp-aB) niet meer kan zien. Het paar gaat er nog steeds vanuit dat ze een eendimensionele taak hebben (http://wp.me/pIeGp-8l). Ze zitten op de snelweg op weg naar echtscheiding en ik hoop dat ze tijdig de juiste afslag vinden.

Er zijn veel van dit soort kruisbestuivingen mogelijk. Een ander voorbeeld kan zijn: de man-vrouw met een eendimensionele taak spreekt vandaag een gehoor toe van mensen die al heel lang in de pulse stand staan en zegt dat ze er nog wel wat taken bij kunnen nemen…  

Het zijn maar voorbeelden. Meestal zie ik hele happy mensen om mij heen. Goed in hun werk, goed in privé en goed in alles wat ze doen. Het is ook allemaal alleen maar bedoeld om elkaar beter te begrijpen.

Ik draag mannen en vrouwen aan de top, onder de top, op de top of over de top een warm hart toe, vind dat mensen die tijd hebben en willen net zoveel mogen werken als ze zelf willen. En vind dat we wel een reuze stap voorwaarts moeten zetten in ons denken met zijn allen. Ik vind dat kinderen recht op tijd van hun ouders hebben en draag mensen met kinderen en zonder kinderen een even warm hart toe. 

Diversiteit wil zeggen dat er van ons allemaal denkkracht gevraagd wordt. De ander is niet meer noodzakelijkerwijs net zoals jij bent en toch willen we het met zijn allen beter gaan doen in deze tijd. Als ik daar mijn (bak)steentje aan mag bijdragen, doe ik dat graag!

Sandra Kruijt

Diversity

Ik schrijf niet over diversity. Ik BEN diversity. En nog makkelijker, als u mijn blog leest, doet u dus aan diversity. Dat kunt u dus met goed fatsoen tegen iedereen vertellen.

Wat diversity is, zullen ze u dan vragen. Ja, dat is wat lastiger om te beantwoorden. Het heeft iets te maken met veel van alles binnen uw bedrijf. Meer variatie. U eet toch ook niet iedere dag dezelfde boterham met kaas. Soms doet u daar toch wat anders op?

Dus, meer kleuren, meer vrouwen, meer leeftijden, meer .. kortom, noem maar op. Meer van alles voor nog betere resultaten. Als u nu begint met het lezen over hoe vrouwen denken, kunt u altijd nog de stap nemen om er eentje aan te stellen.

Die vrouwen moeten het dan niet weer op uw manier gaan doen, want dan is het geen diversity meer. Nee, u moet er dus gewoon openstaan dat er door die vrouw andere dingen gezegd worden. En, hoewel u ervoor open moet staan, moet uw mond van verbazing niet openstaan. Zo anders zijn we nou ook weer niet.

Ik zal u een leuk voorbeeld geven. Ik, van de vrouwenkant (en ik ben niet de enige) moet altijd even mijn best doen bij cijfers. Laatst hoorde ik ook weer van een absolute topvrouw, vakvrouw in haar werk, hoge omes, maar dan een vrouw, dat ze er bij cijfers wel eens een nulletje naast kan zitten als ze niet even goed focused op die cijfers voor ze haar antwoord geeft. Mannen schudden die cijfers altijd zo uit hun mouw en nog sterker: het is het eerste wat mannen met elkaar bespreken.

Vrouwen niet, maar laat ik voor mezelf spreken, want er zullen ongetwijfeld vrouwen zijn die met cijfers opstaan en naar bed gaan. Ik vind cijfers, nou ja, wat zal ik ervan zeggen. Ze moeten goed zijn, daar draait het om, maar als ze dan goed zijn, kunnen we ze net zo snel weer vergeten. Niets vind ik eigenlijk zo oninteressant als cijfertjes. Of, ik kan me één ander ding voor de geest halen: mensen die over cijfertjes praten.

Nou ja, zeg, zult u zeggen en een kruisje achter mijn naam zetten. Maakt me niet uit wie we aannemen in ons bedrijf, als het die maar niet is!

Maar nou heb ik als vrouw weer hele andere dingen waar mijn natuurlijk focus altijd naaruit gaat. Soms verbaas ik me erover als een man dat niet heeft, doet of denkt. Dat vind ik nou zo raar. Het komt bij mij vanzelf, is zo noodzakelijk en een man heeft het er niet eens over. Nou ja, zeg!

Dat heb ik geleerd van diversity. Diversity gaat eigenlijk om wat een ander aan jouw succes kan bijdragen. Er zijn 4 stappen in mijn ogen:

1. verbazing en veroordeling. Nou ja, zeg, die is gek!

2. over die drempel heenzetten en luisteren waarom de ander denkt of doet zoals hij/zij doet

3. kijken wat je eraan kunt hebben en wat niet

4. het goede ervan eruit halen en voor al het andere een bewuste keuze maken om het op je eigen manier te blijven doen. Die keuze ook uitleggen, misschien leert de ander er wat van.

Dat is diversity ten top. Het beste eruit halen. De rest weloverwogen op je eigen manier doen. Over en weer, iedere dag weer.

Want, kijk, ik heb natuurlijk een hoop geleerd van de cijferkant van de mannen om mij heen. Het is gewoon belangrijk om die cijfers in je hoofd te hebben en daar iedere dag mee te werken. Maar omgekeerd, hoop ik dat er sommige mannen zijn die hebben gedacht: ‘hé, daar heb ik wat aan’. Er zijn namelijk legio andere onderwerpen dan cijfers die voor mij natuurlijk komen aanwaaien en die mijn werk erg ten goede komen.

Sandra Kruijt

Boerka bananasplit

Ik snap ook niet waarom, maar toch denk ik na over de boerka. Niet dat ik het echt bewust wil, maar het schiet gewoon in mijn pet.

‘Hoe zou ik mij voelen met mijn boerka aan’, daar kan ik dan zo over mijmeren. Ik mag toch wel aannemen dat het mijn boerka is. Vroeger in de advocatuur deelden we 1 toga tussen 2 advocaten.  Misschien gaat dat ook zo bij de boerka. “Buurvrouw, ik ga boodschapen doen, kan ik de Boerka aan?”. Best handig, een portiekboerka of een buurtboerka. 

En laatst hoorde ik dat, wat ik een boerka noem, helemaal geen boerka is. Maar een nikaab. Een ‘nikaab’ klinkt mooi. Een exotisch mooi woord. Daar wil ik best in lopen. Maar ja, hoe dom kun je zijn om dat te zeggen? Sorry hoor, ik vind het gewoon een mooi woord.

Trouwens, ik denk dat het nikaab en boerka gebeuren net zoiets is als ons Indische stokje sate. Alle gewone mensen die niet beter kunnen weten zeggen ‘sateeee’. Terwijl de echte diehards, ermee geboren en getogen Indonesische mensen ‘SAHteh’ zeggen. Gewoon om even je roots en je tanden te laten zien.  Je zal zien, langzaam verwatert de echte nikaab naar een – over een kam geschoren – boerka. Ik ben voor, want boerka babes vind ik leuk klinken en van dat boekje rolde ik bijna van de bank van het lachen.

Nou goed, over die boerka heb ik dus verschillende gedachten. Ik denk dat de boerka het slechtste in mij naar boven zou halen. Zoiets van hoe je vroeger achterin de klas ging zitten. Die plek deed iets met je. Je ging gewoon klieren of je nou wou of niet. Je kon er niets aan doen. Het lag aan de plek.

Zo’n soort uitwerking zou, denk ik, de boerka op mij hebben. De ene dag zou ik overal waar ook maar onopvallend plek is onder de zwarte stof, een enorme batterij aan rammelende potten en pannen binden, klok en klepels en alles wat verder lawaai maakt.

Al rinkelend en kinkelend zou ik over straat gaan lopen. Met mijn gezicht keurig in de plooi. Als mijn gezicht niet bedekt zou zijn door de boerka of de nikaab, zou het onbedekte gezicht in de stand staan van zo’n schijnheilige bakkes “huh, ik doe niets”.

Ik zou ongelofelijk veel moeite hebben om mijn lachen in te houden, maar ik zou echt mijn uiterste best doen. Al die voorbijgangers verwachten natuurlijk zo’n onopvallend keurige boerka mevrouw. Ze hebben geen idee wat ze overkomt. Waar komt in hemelsnaam dat lawaai vandaan?! Nou, dan zou ik bijna bezwijken van het lachen.

De andere dag zou ik juist niets aan doen onder mijn boerka. Onopvallend bij de bushalte gaan staan en, nog steeds onopvallend, mijn zoom van mijn boerka controleren. Kijken of het naaiwerk aan de onderkant nog wel steek houdt. Zeer onopvallend zou ik heel toevallig de boerkastof tot ver boven mijn knie en hoger controleren op loszittende steekjes. “Huh, ik doe toch niets?”, als net genoeg maar ook weer niet teveel mensen het gezien zouden hebben.

Niet dat ik ooit het verlangen heb (gehad) mijn gestikte naadje op straat te laten zien. Maar die boerka haalt gewoon dat deel van mij naar boven.

Geestdodend voor vrouw, de boerka? Juist heel inspirerend!

Sandra Kruijt

Stamboom

Soms snap ik het ook wel, hoor. Ik wil ook niet aan de boardroom tafel zitten met zo’n meisje met van die staartjes aan weerszijden van haar hoofd, boven ieder oor een, die daar gaat zitten spelen met haar ingepakte tamponnetjes en lippenstiftjes.

Maar omgekeerd wil ik nou ook weer niet aan diezelfde boardroom tafel zitten met zo’n jongetje dat de hele tijd met zijn p*** zit te spelen. Piep of peep, hoe moet ik dat nou op een nette manier opschrijven? Vroeger babysitte ik op een jongetje dat de hele avond bij het tv kijken zijn stamboom zat vast te houden.  Ik moet er niet aan denken dat datzelfde jongetje nou aan die boardroom tafel zit. En maar spelen en maar vasthouden of achterna rennen die stamboom en ik maar niet weten waar ik moet kijken.

Dus ik heb het al bedacht welke vraag ik ga stellen, als ik ooit een mannelijke bobo ga werven. Mijn gezicht, daar hoef ik misschien niet al te lang op te oefenen. Gewoon de vraag stellen, zonder blikken of blozen, niet knipperen, maar recht aankijken en blijven aankijken. Die vraag, ik weet hem al. Moest er wel even over nadenken, spreekt voor zich, want hij staat niet in de sollicitatieboekjes voor dummies of gevorderden.

Ik moet er een beetje hetzelfde bij kijken als die man die mijn (vrouwelijk) jaarclubgenootje voor een bobopositie de vraag stelde: of zij dacht dat zij de baan met haar werk-privé kon combineren? Diezelfde man is natuurlijk breeduit over de tafel gegaan bij het volgende jaarclubeten, laatste vrijdag van iedere maand.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik het niet zo’n verkeerde vraag vond. Maar dat kan een stukje work life balance beroepsdeformatie zijn waar ik aan lijd. Ik vind het inderdaad belangrijk dat die vraag gesteld wordt. Aan overspannen mooie poppetjes en poupettes thuis hebben we niets. Aan huishoudens en kindertjes die in de soep draaien omdat pa en moe het zo druk hebben, ook niet. Dus ik vind het niet zo’n rare vraag, maar de rest van mijn bobojaarclub was unaniem van oordeel dat dit wel het geval was, omdat die vraag natuurlijk nooit aan een MAN gesteld werd. Mee eens, weg mijn beroepsdeformatie. Domme vraag.

Daarna konden we de tijd nemen om de ‘domme dingen spreuk’ over deze mijnheer uit te spreken en vervolgens sluit je het kort, want ja, er valt natuurlijk ook meer te bespreken dan dat. Dan wensen wij de goede man veel gezondheid, succes en geluk – vooral blijven doen wat je doet -, maar we hopen wel dat hij de dag nadat wij de domme dingen spreuk hebben uitgesproken, herboren zal opstaan. Fris als een hoentje of een haantje, hoe heet dat ook al weer, maar met een nieuw stel hersens. Die andere waren namelijk domme dingen.

Sandra Kruijt

Waarom krijgen zij alle mooie woorden?

In het verleden schreef ik al over de ‘muze’. Het stukje wordt trouwens veel gelezen.

En nu wilde ik een stukje schrijven over de ‘goeroe’. Een vriend van ons is marketinggoeroe en daar had ik een mooi stukje over bedacht. In datzelfde stukje zou ook een vrouwelijke goeroe voorkomen. En toen realiseerde ik mij iets.

Boos, ontevreden gezicht, armen over elkaar, zwart rookpluimpje dat boven mijn hoofd opstijgt.  Waarom krijgen zij alle mooie woorden?

Mannen krijgen de mooie woorden en dan krijgen wij ze niet meer. Een vrouwelijke goeroe. Hoort u het wel eens?

En als het al gezegd zou worden, staan alle vrouwen in hun vuistjes te gniffelen. “Ho, ho, moet je dat nou horen. Die noemt zichzelf een goeroe of die of die wordt een goeroe genoemd. Nou ja, zeg! Zal ik jou eens wat vertellen….”. En dan komt het, hoor. Zet je schrap. Dat is het vrouwelijk venijn dat dan volgt.

Dus wij vrouwen noemen onszelf geen goeroe (maar dat zou een man van zichzelf ook niet zeggen, geloof ik. Dat is echt een woord dat anderen over jou moeten zeggen) en een andere vrouw noemen we al helemaal geen goeroe. Nee, die noemen we ervaringsdeskundige. Mag ik een emmertje?

Boos, ontevreden gezicht, korte stapjes van ergernis in mijn werkkamer, zwart donderwolkje boven mijn hoofd: ik wil ook een mooi woord!

En dat verhaal? Dat vertel ik niet meer. 

Sandra Kruijt

Motormuis en motorkapje

Kent u ook dat bepaalde gevoel dat je kunt hebben achter het stuur in de auto? Of hebben alleen vrouwen dat? Of nog erger: heb alleen ik dat?

Komt er zo’n man aangelopen richting het zebrapad. Ervaring heeft geleerd – en dat weten jij en hij – dat je tegelijkertijd bij dat zebrapad aankomt. Dan heeft hij voorrang, want jij zit in de auto.

Nou heb je als vrouw verschillende mogelijkheden. Meestal tenminste, beetje afhankelijk van hoe de man uit zijn ogen heeft gekeken, in die splitsecond dat je hem zag.

Je kunt zeer onschuldig de andere kant op kijken. Je hebt hem nooit gezien (althans dat zegt je gezicht, jij weet natuurlijk wel beter) en terwijl je de andere kant op kijkt, rijd je gewoon door. Je trekt nog even een frons, alsof je aan een wereld of een werkprobleem zit te denken. Oh, stond daar een man, heuh? You won.

Of, het kan ook zo’n man zijn waar jij in die splitsecond alle apenkracht vanaf voelt komen. Als het niet teveel en niet te weinig is, maar precies goed, geef je hem met een genereus gebaar zijn eigen voorrang. Jullie lachen allebei.

Maar stel nou, dat het teveel apenkracht is en je hebt – weer in die splitsecond - de stellige indruk gekregen, dat hij met die apenkracht wel eens jou of je collegavrouwen minder serieus neemt dan jij zou willen, in de vorm die jou voor ogen staat, dan gaat een ander scenario in werking. Het maakt je niet meer zo uit hoe je kijkt of eruit ziet, want je denkt ondertussen: “Jou lust ik rauw”. Op mijn motorkap. Niet dat je dat zou willen, maar het is dat gevoel dat ik niet anders kan omschrijven. Rauw.

En dan begint dat gevecht om wel of niet en wie dan eerst en laatst. Natuurlijk moet je het niet zo doen dat anderen slechte dingen van je kunnen denken. Want als ze het denken, gaan ze het later nog zeggen ook. Dus het wordt dat rauwe spelletje, onderhuids gespeeld om wie hier de kans krijgt en wie niet.

Met een goed gevoel rijd je door. Verliezen doe ik in dat soort situaties niet graag.  Zo, ik heb weer het appeltje voor de rest van de wereld geschild.

Zou het ook zo werken binnen een bedrijf? Als een man een vrouw aan ziet komen die maar al te graag binnen het bedrijf verder wil. Allebei tegelijkertijd bij de kruising aan komen lopen. Interesting. Even kijken wie hier voorrang krijgt of neemt.

Gelukkig zijn niet alle vrouwen zoals ik?  Gelukkig denken niet alle mannen als ik?

Sandra Kruijt

Wat mannen van vrouwen kunnen leren

Er zijn veel dingen die we over een weer van elkaar kunnen leren. Mannen van vrouwen. Vrouwen van mannen. Een van de dingen die mannen van vrouwen kunnen leren, is eindeloos voor de spiegel oefenen en kritisch kijken.

Het woord ‘rokjesdag’ mag dan een mannelijk bedenksel zijn, rond rokjesdag gebeurt er iets heel vrouwelijks voor de spiegel. ‘Hoe gaat het met dit rokje’, vraagt een vrouw voor de spiegel zich dan af.

‘Is dit rokje te kort of te lang of juist lang genoeg?’, ‘Van voren, van achteren?’, ‘Hoe gaat het met dit rokje als ik ga zitten?’, ‘Met wijde benen, met gekruiste benen, met kuise benen naast elkaar?’

‘Hoe zit dit rokje met ingehouden buik?’ en ‘Hoe, als ik mijn buik laat hangen?’ en ‘Hoe zit dit rokje met uitpuilende buik dan van achteren?’ en ‘Van die kant en van zover als ik het kan zien, van de andere kant?’

Ook belangrijk: ‘Hoe ziet dit rokje eruit als ik iets van de grond oppak?’, ‘Wijdbeens, met gekruiste benen, met kuise benen naast elkaar?’ of ‘Kan ik met dit rokje aan beter net doen of ik niet door heb dat ik iets laat vallen?’ Liever iemand die mij achterna komt rennen dan dat ik het oppak als ik dit rokje aan heb.

Doorstaat het rokje de test niet, dan begint de hele riedel opnieuw. ‘Hoe zit het eigenlijk met dat rokje?’ Dat gaat dat andere rokje aan en dan komen al die vragen weer voorbij. Net zolang tot de conclusie is: ‘Dit rokje is prima. Met dit andere rokje aan, kan ik zelfs iets van de grond oprapen, mocht ik bijvoorbeeld bij die zakelijke bijeenkomst een visitekaartje of snotlap of wat dan ook laten vallen.’  

Dan weet ik dat alles en komt het beslissende moment: ‘Welk rokje doe ik aan?’ Als vrouw kan ik met de vraag: ‘Hoe gaat het met mijn rokje’ dus wel een tijdje voor de spiegel doorbrengen. Ik zal niet de enige zijn.  

Terug naar het begin. Het gaat namelijk niet om mijn rokje, maar om wat mannen van vrouwen kunnen leren.

Ik stel voor dat mannen die gaan racefietsen hun wielrenbroek aan deze rokjesproef onderwerpen. Zo, dat heb je maar mooi van mij geleerd!

Maar voordat ze deze wielrenbroekproef gaan doen, moeten ze even kritisch nagaan: ‘Hoe lang heb ik deze racebroek al?’ en ‘Was ik hem iedere keer dat ik gefietst heb?’. Laat daar een mannelijk x*(y-z) wiskundige definitie op los en je hebt zo ongeveer wat ik bedoel, te pakken. Kun je misschien beter eerst met de auto (!) naar de winkel een nieuwe racefietsbroek kopen en pas daarna met je racefietsmaat afspreken.

Ik heb het (on)geluk dat we in een recreatiegebied wonen. En daar komen nu, rond rokjesdag, heel veel racefietsers voorbij. Ze hebben hun wielrenbroek weer uit de kast gehaald en daar gaan ze, ook dit jaar, weer. En ik? Ik voel mij in mijn recreatiegebiedje een gezegend mens, tot ik weer zo’n racefietser voorbij zie komen. Ik kijk namelijk recht de bilnaad in. Versleten stof, lichtdoorlatende leegte waar de bilnaad zit. Als ik interesse zou hebben, zou ik van menig man zijn bilnaad kunnen natekenen. 

Ik ben niet zo bilnaderig. Ik vind het rare dingen van mensen die ik helemaal niet ken, vaak met twee dikke overbollende bollen die aan weerszijden van het zadel rondbobbelen. Soms is de stof zo dun geworden dat de bilnaadbeharing erdoorheen prikt, althans in ieder geval in mijn beleving. En dat vind ik dus geen fijn gezicht. Aan de voorkant zit hij druk te kletsen met zijn beste vriend, leuk samen wielrennen en ze hebben weer een geweldige tijd. Aan de achterkant zit ik met de gebakken peren.  

Als ik man zou zijn, zou ik mijn rokjesproef voor de spiegel doen. Gewoon wijdbeens van achteren voor de spiegel gaan staan en je hoofd tussen je benen naar beneden laten hangen. Zie je – als je dan tussen je benen door de spiegel inkijkt – precies wat ik zie als jij op de fiets zit.

Als ik producent van wielren kleding zou zijn, zou ik die bilnaad versieren. Met zo’n gezellig strookje precies op de bilnaad gestikt. Verschillende motieven, verschillende kleuren, voor de moderne man, voor de conservatieve man, voor de man die het niets kan schelen. Of voor de vrouw die achter de man aanfietst: een bloemetjesmotief. Maar dat is misschien iets te vrouwelijk gedacht.  

Sandra Kruijt

Even aan mijn mhoeder vragen .. lalala

Ik zweer je …. Lalala …. dat ik me had voorgenomen dat nooit meer te doen. Nooit meer ergens toestemming voor vragen.

Ergens in de puberteit nestelt zich dat zaadje en groeit dat plantje. Jammer dat je nog je hele puberteit door moet voor het zover is. Tegen de tijd dat het zover is, ben je zo klaar met toestemming vragen, dat je deze plechtige belofte aan jezelf maakt. Je zingt het, je zegt het of je doet het, als 18-jarige, naast je koffer net over de drempel van het ouderlijk huis. Vervolgens trek je de deur achter je dicht, ziezo, je slaat je handen een paar keer langs elkaar en je bent er klaar mee. Ratatatah … tis beurd. Nooit meer toestemming vragen. Aan niemand ooit meer ergens over. Ik zweer het je. Lalalala.

En dan komen er kinderen. Niet dat je ineens toestemming aan je kinderen gaat vragen. Niets van dat alles. Gewoon ouderwets toestemming vragen aan je partner.

Ik zal het uitleggen. De simpele mededeling van je wederhelft: “Ik ben er morgenavond niet, want ik heb een vergadering”, wil namelijk zeggen dat IK er morgenavond wel ben. Want iemand moet op die schattige kindjes letten. ‘Moi’ in person, de au-pair, de oppas, maakt niet uit wie, maar die ‘wie’ moet wel even geregeld zijn. Maakt weer niet uit door wie die wie geregeld wordt. Als die ‘wie’ er maar is.

Dan zing je ineens niet meer. Het gevoel van ‘even aan mijn mhoeder vragen’ is weer terug. En over dat gevoel krijgen nou heel veel stellen heel veel ruzie. Soms gaan ze zelfs echt scheiden.

Wij aan deze kant van het weblog denken graag even met ze mee. Hoe lossen we dat nou op?

Bij de vergadering waar de datum geprikt wordt, zing je dat liedje. Gegarandeerd recept voor demotie. Je prikt die datum zonder het aan je partner te vragen. Gegarandeerd recept voor echtscheiding. Meer keuze heb je eigenlijk niet.

Wij denken nog even verder.

Sandra Kruijt

Oudere berichten »
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 642 other followers