de Sandra Blog
on work life balanceArchief voor real life – stories & interviews
Marokkaanse bruiloft
07/04/2011 om 06:50 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews en van tags voorzien:diversiteit, mannen en vrouwen, What women want
Tjonge, 1001 prinsessen zomaar weggelopen uit Sprookjes uit 1001 nacht.
Ik wist niet wat ik zag. Mijn prachtige jurkje waar ik thuis voor de spiegel blij mee was geweest en dat al menig ‘westers’ feest had doorstaan, verbleekte.
Heel soms heb je het nog, dat je ergens binnenstapt en dat je even overdonderd bent. ‘Wow’ en dan sta je stil en knippert met je ogen. Ik had het op die drempel, net voorbij de deur. Het was alsof ik in een ander land terecht was gekomen. Sprookjesland.
Ik woon gewoon in het verkeerde land. Nu wist ik het weer zeker. Daar op die Marokkaanse bruiloft kreeg ik weer dat gevoel : Sandra Kruijt gaat verhuizen. Ik pak mijn bezittingen op, pak mijn koffertje en stap op het vliegtuig naar het land waar vrouwen dit soort prachtige gewaden, kleuren, bijpassende juwelen in hun haar, dragen en met zijn allen een feest maken tot in vroege of late uurtjes waar vroege en late vogels nog een puntje aan kunnen zuigen. Zonder mijn kids ga ik natuurlijk niet. Daar moet ik nog iets op verzinnen. De andere vrouwen in mijn familie zullen wel volgen als ik ze vertel van al dat vrouwelijk pracht en praal. Hopelijk zijn de mannen met dit vooruitzicht ook te lijmen. Dan stappen we met zijn allen op dat vliegtuig en vliegen naar het land van de sprookjes uit 1001 nacht. Daar gaan wij wonen.
Het was een ongelofelijk trouwfeest. Net als u heb ik er nogal wat meegemaakt, in allerlei soorten en maten, maar deze was bijzonder. Een hele zaal vol prachtige gedekte tafels, een podium vol met pracht en praal, een enorme troon voor het bruidspaar, in goud en zilver, en een gouden draagkoetsje waar de bruid later op de avond in rondgedragen werd door vier sterke mannen (de enige mannen naast de bruidegom die de zaal in kwamen die avond).
Vier types vrouwen vierden feest. De jonkies, de meisjes die de mooie vrouwen nadeden bij het dansen. Mijn dochter was er zo een en ik was ontzettend trots op haar. Dan de mooie prinsessen, zomaar weggevlogen uit de sprookjes van 1001 nacht. In gewaden in allerlei kleuren. Jurken, overjurken, kaftans, djelleba’s, versierde ceintuurs, sieraden, bestikte broeken, fladderende mouwen, opgestoken haren met glittertjes erin. Bijna te mooi om waar te zijn.
Met mijn dochtertje deed ik de mooiste jurk verkiezing van de avond. Onze conclusie was, zoals we die wel vaker formuleren: ik WIL niet zo’n jurk, ik MOET zo’n jurk. En die ook en die ook en die ook.
Oh ja, de categorieën vrouwen. Ik laat me weer door die prachtige jurken afleiden.
Dan hadden we de westerse variant van deze prinsessen. Mooie, zelfbewuste, Marokkaanse vrouwen die in hun aller charmantste westerse kleding en hakken stonden te dansen. Ook leuk om die te zien.
Dan de oudere vrouwen. Vrouwen op leeftijd kunnen heel mooi zijn. De mooie oudere vrouw is prachtig om naar te kijken. Helemaal samen met de feestvierende prinsessen. De oudere vrouwen hebben hun pracht aan de volgende generatie doorgegeven en kijken daar trots en blij naar. Die vrouwen zijn het mooist om naar te kijken. Je kijkt naar levenswijsheid in persoon.
Het mooie is dat je bij een eerste keer, dit keer de Marokkaanse bruiloft, niet weet welke mores je allemaal overtreedt. Dat heb je zo bij de eerste keer. Dan doe je maar wat. Ga je per ongeluk aan de hoofdtafel zitten, sta je per ongeluk tussen de belangrijkste familieleden op de foto, sta je aan de verkeerde kant als de bruid binnenkomt? Je hebt het zelf niet door dus geen feest dat zich laat bederven.
Oh ja, we hadden nog een vijfde categorie: degenen die het feest regelen. De vrouwelijke d.j., de vrouwelijke filmer / fotograaf. Dit hele feest was door vrouwen geregeld. Ik heb geen man aan de knoppen of kabels of tafels zien zitten. Geen man om mee te dansen en toch heb ik gedanst tot ik neerviel. En dan die Marokkaanse ceremoniemeester, vrouw, almachtig. Het liefste zou ik haar een keer interviewen en er pas daarna over schrijven. Al die vaste protocollen. Misschien kun je er zelfs een boek over schrijven.
En … dan hebben we het bruidspaar en de prachtige bruid en alles wat er gebeurt als zij binnen komen. Kijk, het bruidspaar, ze kwamen 4 keer binnen, in volledig ander ornaat iedere keer. Maar daar moet ik nog de goede woorden voor vinden om dat te kunnen beschrijven.
Sandra Kruijt
schilderij: “Blooming Feet” – Angélique Neutel schilderij acryl op linnen 80 x 120 cm
Ik weet het, ik weet het, het mag niet (Afghanistan)
18/03/2011 om 14:58 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews
Ik weet het wel, hoor. Mijn goede vriendin zei terecht: “Goed stuk over Uruzgan, maar pas op dat je niet te ver van je onderwerp work life balance afgaat. Anders weten mensen niet meer wat je doet, wat je werk inhoudt en waar ze je voor kunnen inschakelen”. En zij kan het weten.
Ik kijk zuur en schuldbewust, trillende lip, pruillip, onderste lip naar voren steken en grote ogen erbij opzetten, denk: ‘je hebt heel erg gelijk, mea culpa’. Nou, dan ga ik maar weer over work life balance schrijven.
En duizend excuses verzinnen waarom ik wel een stukje over Afghanistan mag schrijven. Zoals, ik kan er niets aan doen? Iets zegt me dat ik daar wel aandacht aan moet besteden? Maatschappelijke verantwoordelijkheid, maatschappelijk verantwoord ondernemen? De vragen die ik heb over de (work life balance van de) militairen (en fotografen en journalisten) die terug zijn gekomen en waar wij aan de ene kant weinig tot geen oog en oor voor hebben, terwijl we aan de andere kant steeds praten over duurzame inzetbaarheid?
Blije lach. Ik hoef er niet meer over te schrijven en kan mij weer helemaal focussen op work life balance, werkstress, werkdruk en preventie en alle aspecten die daarmee samenhangen. Want we hebben Marielle van Uitert, haar ongelofelijke moed en haar fotografie. Gelukkig.
Sandra Kruijt
Zie haar BYEBYEPREVIEW en mail hieronder.
Zonder dat het een directe link naar mijn werk heeft, wil ik Marielle’s werk vooruit helpen. Binnenkort gaat ze weer naar Afghanistan, embedded bij de Amerikanen. Ze is driemaal naar Afghanistan afgereisd en heeft tijdens haar unembedded missie moeten vluchten voor veiligheid. Ik vind het van een ongelofelijke moed getuigen als je weer terug gaat. Zelf zegt ze: “Ik moet het de wereld laten zien, wat er in een parallel universum gebeurt”.
========================================================
Beste vrienden en bekenden,
Zoals jullie wel zullen weten ben ik druk bezig met mijn boek ‘Bye Bye Bullshit’ dat 26 mei officieel gepresenteerd zal worden. Het is een fotoboek van de laatste patrouilles van de Nederlandse coalitietroepen in Afghanistan. Het is tweetalig (Ned en Engels) en toont naast zwart-wit beelden eveneens kleurenfotografie.
Voor een ruwe preview van het boek kun je een kijkje nemen op de homepage van mijn website: www.paralleluniversum.nl
Ik zou het geweldig vinden als je mijn boek gaat kopen en kan dan ook een leuke korting voor je regelen. In de boekenwinkels is de prijs 34 euro maar als je het boek via voorinschrijving bestelt via deze link, krijg je het thuis bezorgd voor slechts 25 euro:
Je bent vanzelfsprekend ook uitgenodigd voor de opening (26 mei) waarbij ik de boeken kan signeren. Exacte tijd en plaats kun je later vinden op mijn website…. en op de website van mijn uitgever d’jonge Hond: www.dejongehond.nl/NL
Vanaf 28 maart t/m 27 mei is een selectie van de foto’s te bezichtigen in de Bibliotheek te Hilversum.
Mocht je nog vragen hebben, neem dan contact met me op,
Met vriendelijke groet,
Marielle van Uitert, Parallel Universum Photography, Vught
Zomaar een gewone (Uruzgan)dag
19/11/2010 om 13:34 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews, work life balance en van tags voorzien:persoonlijk leiderschap, topprestaties, werkstress en gevolgen
Het was zomaar een dag en ik bedacht me: ‘Hoe zou het gaan met ‘onze’ militairen die terugkomen uit Uruzgan?’ Maar goed, ik kende geen militair uit Uruzgan, dus bleef het bij een gewone gedachte op zomaar een gewone (doordeweekse burger) dag.
Het was zomaar een andere dag dat ik een documentaire zag over een oud-militair met wie het helemaal niet goed ging. Aan de drugs geraakt, door zijn zwager uit de penarie gehaald en nu weer sportend bezig om contact met zijn familie te krijgen. Ik was onder de indruk op deze dag.
De man vertelde dat hij zwaar aan de drugs was geraakt. Hij gaf een paar voorbeelden van voorvallen waar hij tegenaan was gelopen (of waar zijn familie met hem tegenaan waren gelopen). Een keer zag hij zijn spelende kinderen achter een bal aanrennen het open veld in en hij flipte. Hij zag namelijk eenzelfde scène voor zich, waarbij spelende kinderen achter een bal aanliepen, zo het mijnenveld in, zo de lucht in. Hij ging hier in het veilige Nederland volledig over de rooie tegen zijn spelende kinderen, brulde dat ze terug moesten komen enzovoorts. Hij had een volledige herbeleving en zijn kinderen de doodschrik tijdens een doodgewoon potje voetbal. Zijn vrouw en kinderen snapten niets meer van hem. Aan de drugs dan maar, dat was makkelijker.
Het was zomaar een andere dag – hang de vlaggen uit – dat Bert Wagendorp, mijn grote held uit de Volkskrant, mijn post ‘Wat mannen van vrouwen kunnen leren’ op Twitter retweette. Het Bert Wagendorp hoogtepunt in mijn lezersstatistieken bracht mij een enorme bijvangst. Er zwom zowaar een heuse stoere militair mijn schepnetje in.
Eindelijk het vervolg op de dag waarop ik dacht: ‘Hoe zou het met onze oud-militairen van Uruzgan gaan?’. Want met die oprechte vraag begon het verhaal. De achtergrond bij die vraag is persoonlijke interesse naast beroepsmatige interesse. Als ik het heb over succes in het werk, work life balance, werkdruk, werkstress en de gevolgen daarvan, hoe zit dat dan voor hen in elkaar? Hoe zou het nou eigenlijk echt gaan met die stoere mannen? Hoe moet het zijn om terug te zijn in NL-klein-landje waar niemand snapt wat je hebt gezien en meegemaakt?
Op een vrijdag ben ik naar een heuse afspraak met een heuse militair gereden. Hij heeft mij veel verteld in een heel open gesprek. Over hoe het is om terug te zijn, hoe het zoeken is naar de nieuwe adrenaline, omdat je aan die adrenaline gewend bent geraakt en die spanning wilt voelen. Over hoe het is om thuis te komen. Een debriefing en dan gaat het leven verder. Hoe het nazorgtraject van defensie werkt en hoe belangrijk de eerste sociale opvang in de groep is. Hoe verliezen voor militairen geen optie is. We hebben het gehad over mijn vraag of je als militair dan wel kunt aangeven dat je met posttraumatische stress kampt. We hebben het erover gehad hoe hij posttraumatische stress zag, namelijk als een blessure die chronisch is geworden. Gelukkig was hij geen PTSS’er, maar ik hoorde wel hoe sommige mensen bij terugkeer overwegen om de stekker overal uit te trekken.
We hebben het gehad over hoe je vragen van je naaste omgeving al op voorhand niet wilt beantwoorden omdat ze suggestief zijn en hoe makkelijk je de volkomen oprechte, niet-veroordelende vraag van een kind, wel beantwoordt. ‘Ben jij een moordenaar?’ ‘Nee, ik ben geen moordenaar’. Want ik zie mijzelf namelijk niet als moordenaar, ik deed mijn werk. En ik deed het heel goed. Ik ben daar namelijk goed in.
Hoe scheiding schering en inslag is onder militairen en hun vrouwen. Het is zo gewoon dat je het bijna scheiding en inslag zou kunnen noemen. Hoe het is om op gevechtsmissie te zijn, that’s reality, terwijl men in Nederland denkt dat je met een hele andere missie bezig bent. Hoe je dan later eigenlijk in een hele andere werkelijkheid terecht komt waarbij je niet over het succes in je werk kunt vertellen. Wat is succes in je werk eigenlijk als je gesprekspartner een heel romantisch of vertekend beeld van oorlog heeft en jij de werkelijkheid voor je ziet? En hoe is het in hemelsnaam dan mogelijk te praten over wat jou echt bezig houdt?
Hij heeft veel verteld en ik heb veel gezien. Hoe iemand bezig is zijn hele leven opnieuw te ijken. Alles te herijken. Een totale reset bij terugkeer.
Er speelt teveel om in een gesprek te bespreken. Dat wordt dus nog vervolgd. Ik kreeg misschien geen antwoord op al mijn vragen, maar kreeg wel de mogelijkheid om te doen wat ik me had voorgenomen. Mijn respect betuigen.
Sandra Kruijt
Meer lezen? www.nielsroelen.nl of twitter: http://twitter.com/nielsroelen
Niels Roelen is majoor in het Nederlandse leger. Hij werd diverse keren uitgezonden op missies voor de VN en de NAVO. Over de missie in Uruzgan hield hij voor defensie een weblog bij.
Niels is getrouwd met Annelies en heeft samen met haar twee kinderen; Mareine en Ties.
Niels schreef het boek Soldaat in Uruzgan (2009 Uitgeverij Carrera, Amsterdam), met een voorwoord van Arnon Grunberg.
In December zal Niels samen met Arnon Grunberg naar Transnistrië vertrekken. De insteek (van Niels) in dit project is dat de rollen van destijds in Afghanistan nu zullen worden omgedraaid en Niels zal dus embedded gaan bij Arnon zoals Arnon dat ooit in 2007 bij Niels was.
Vers van de pers: Isabelle Spindler – Jacobs is Topvrouw van 2010
11/06/2010 om 00:43 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews, work attitudes, work balance, work life balance en van tags voorzien:Heineken, Isabelle Spindler - Jacobs, Managers Netwerk Nederland, Verkiezing Topvrouw van 2010, Vrouwelijke Topmanager
‘She wins’ uit mijn post van gisteren heeft gewoon gewonnen. En wij zaten aan haar Heineken winnaarstafel. Isabelle Spindler – Jacobs is de nieuwe Vrouwelijke Topmanager 2010!
Ze is leuk, knap, heel slim, aardig en attent maar vooral: zichzelf. Spreekt in het filmpje om zich voor te stellen open over hoe haar collega’s haar zouden typeren en hoe haar moeder dit zou doen. Wat ze moeilijk gevonden heeft in haar werk, wat het moeilijkste was in privé (de verzorging van haar doodzieke schoonmoeder), wat het leukste van haar werk is, wat haar streven is. Vertelt over haar werk binnen het Heineken mannenbolwerk en hoe zij daar haar eigen weg in gaat. Spreekt over vrouwen, diversiteit binnen Heineken, hoe ze op haar intuïtie een doortimmerd cijfermatig plan van tafel kan vegen. En vertelt dat vooral de vorm telt, niet eens zozeer de inhoud. Als Martin Luther King gezegd zou hebben: “Ik heb een strategisch plan” had het op niets geleken vergeleken met zijn woorden ‘I have a dream’. Zegt gewoon met Gerrit Zalm in de zaal: ”Met vrouwen aan de top hadden we de financiële crisis niet gehad” , maar goed zij kon op het moment van haar filminterview niet weten dat hij daar zou zitten en dat ze haar eerste prijs van hem in ontvangst zou nemen.
Heeft tot het laatste moment het gevoel dat zij niet gaat winnen omdat ze de andere genomineerden zo sterk vindt, gelooft het nauwelijks als ze op het podium staat, maar blijft ook daar weer gewoon zichzelf. Ze is niet anders als ik haar op het podium zie dan wanneer ik haar bij ons jaarclubeten zie. Zo is zij. En zij staat ervoor. Sinds vanavond staat zij een jaar lang voor vrouwelijk leiderschap en gaan we haar nog veel tegenkomen in pers en bladen. Vanavond hadden wij de primeur: vers geperst nieuws. We toeterden vrolijk vol trots op onze pletterpets. Daar waren ze voor gemaakt! En een beetje voor het voetbal.
Sandra Kruijt
De dolle tweeling
16/03/2010 om 10:12 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews
Ik had iets gemist. Ik zag namelijk bij LinkedIn een foto van een ‘oud-collega in het pand’, van hem met twee kleine kids. Die ’oud-collega in het pand’ zal ik even uitleggen. We werkten met zijn allen op een prachtige A-locatie in Rotterdam. Het pand was van het collegabedrijf in het pand en ik huurde de bovenste verdieping. Ik had het geluk dat ik iedere dag mocht meelunchen en zo werden we iedere lunch in de watten gelegd door mevrouw Janki, die heerlijk Surinaams kookte.
Ik zag de foto en dacht: “Oh, wat leuk. Hij heeft een kind gekregen”. Snel in de pen geklommen om dit blije nieuws luister bij te zetten. Gefeliciteerd, wat leuk. Blabla. Zo gaat dat in mails.
Zijn mail was anders. Het waren namelijk niet zijn kinderen. Het waren (en dan copy & paste ik even uit zijn mail):
“De twee kinders zijn mijn zwagertjes. Mijn schoonmoeder dacht in de overgang te zitten toen ze te horen kreeg dat ze 7 maanden zwanger was. Anderhalve week later beviel ze van een tweeling. Ikzelf verwacht 10 mei onze eerste dochter.”
Rinkeldekinkel. Hij heeft dat verhaal natuurlijk zo vaak verteld dat het gewoon is geworden en hij het zo uit zijn mouw schudt. Maar ik als lezer, had wel een paar dagen nodig.
Dag 1:
“Even herlezen. Begrijp ik dit of niet? Die en die en de stamboom en dan die & die. Tjonge.”
Dag 2:
Alle gedachten tussen: “Jeetje, het zou je maar gebeuren.” en “Wel gezellig, al die kids dalijk. Zwagertjes, dochtertjes etc. en dat speelt natuurlijk allemaal met elkaar.” en “Als ze er eenmaal zijn zal er weer veel van ze gehouden worden” en “Maar het moment dat je dat te horen krijgt …”.
Dag 3 dacht ik aan mezelf. Zo gaat dat vaak. Dan betrek je even een verhaal op jezelf.
“Ik kan wel inpakken met mijn hele work life balance verhaal. Balans berekenen, plannen en beslissen etc. Als het leven zulke verrassingen voor je in petto heeft, kan ik mijn verhaal niet meer vertellen, hoor.”
Dag 4 was ik nog niet klaar met aan mezelf te denken.
“Dat wordt een hele stapel predictors kopen, voor iedere maand dat ik ooit in de overgang zou zitten eentje.” Want kijk …. nu zorgen wij (met mijn en ik) met veel plezier voor onze kids, naast ieder ons eigen bedrijf. Maar op een gegeven moment staan toch echt die ingepakte koffertjes van die lieve kotertjes op de stoep en zwaaien we ze met veel plezier uit. “Dag, dag, lieverd, ga maar naar je eigen paddestoel” . Duwtje in de rug. Als er dan 1-2 nieuwe door de achterdeur weer naar binnen glippen … niet helemaal ons plan.
Dag 5 is vandaag
Vroeger las ik met veel plezier de hele reeks van de Dolle Tweeling. En deze Dolle Tweeling prijkt vandaag op mijn work life balance weblog. Ze bestaan echt, hoor. Ik heb ze niet verzonnen. Want met veel verhalen uit het echte leven is dat zo. Als je zou willen, zou je het niet kunnen verzinnen. Het is telkens weer een verrassing wat er op je pad komt. Grappige, verdrietige, serieuze levensverhalen.
Daarom staat deze Dolle Tweeling bij mij op nr. 3 van de real life stories. Ze laten ons ook weer zien dat je real life maar voor een gedeelte zelf in de hand hebt.
Ik wens de hele familie veel plezier met deze twin boys en fijne, laatste zwangerschapsweken van het dochtertje.
Sandra Kruijt
Zij is mijn verstopte geheimpje
25/02/2010 om 11:55 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews
Zij heeft wat meegemaakt. Niet zomaar iets, maar keer op keer op een hele jonge leeftijd, in een tijd dat er geen oog en geen tijd was voor het kleine meisje dat ze toen nog was. Ik heb nu zelf kinderen en soms moet ik denken aan wat zij heeft meegemaakt zo jong als zij toen was. Wij waren jeugdvriendinnetjes. Kenden elkaar van de skipiste in Iran. Daar woonden wij als expats. Later woonden wij weer in Nederland.
We hielden altijd contact, deels omdat onze ouders dat zo voor ons hadden uitgestippeld, deels omdat onze ouders het goed samen konden vinden. Voor mijn gevoel werd ik soms verplicht uit logeren gestuurd. Achteraf kan ik wel zeggen, dat ik misschien een beetje aan haar werd uitgehuwelijkt. Ik was het daar niet altijd mee eens, iedereen die ons samen ziet, ziet onze verschillen, maar gaandeweg vergroei je met elkaar en ga je van elkaar houden. Je bent jeugdvriendinnetjes en een jeugdvriendinnetje laat je niet zitten.
Wij hadden wel wat gemeen. Ik groeide op onder een extreem strenge moeder. Zij onder een vader die extreem in haar teleurgesteld kon zijn. Niets deed ze goed genoeg. Ik trouwens ook niet, maar ik had het geluk dat ik graag lees en van filosofie houd, dus ik kon uitknobbelen dat ik het niet was die niet deugde.
Daarnaast kwam ik een goede liefde van mijn leven tegen. Een ‘good guy’. Haar love of her life was een ‘bad guy’ en die liet het niet na haar nog even te zeggen hoezeer ze niet voldeed. Tel alles bij elkaar. Een stel wegpestende secretaresses op haar werk als receptioniste bij Arthur Andersen en toen was het gebeurd. Ze krabbelde weer wat op, maar zat inmiddels in de WAO.
Jaren later was er de herkeuringsronde van Donner, een niet functionerende advocaat en een vreselijke verzekeringsarts. Als ik zou willen zou ik nog een paar procedures kunnen voeren. Een klachtprocedure tegen de advocaat, een ombudsman procedure tegen de falende verzekeringsarts. Maar ik kan de weinige tijd die ik heb, beter aan het bezoeken van haar besteden.
Ik heb de verprutste WAO-procedure voor haar uit het slop kunnen trekken en afgemaakt. Ze heeft het ‘gewonnen’, maar zij zat inmiddels als grote verliezer gedwongen opgenomen op een gesloten afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis. Je zit daar niet voor niets. Of je bent een gevaar voor jezelf óf je bent een gevaar voor anderen. Geen haar op mijn hoofd die eraan twijfelt dat zij daar zit vanwege het eerste.
Zij is mijn kleine verstopte geheimpje. Ik denk dat ik een van de weinige mensen ben die haar kennen zoals ze is. Met anderen erbij doet en zegt ze rare dingen. Maar in het echt is ze lief, grappig en warm. Zij maakt mij aan het lachen zoals niemand mij aan het lachen kan maken. Zo raar kan ze doen en dan schateren we het uit. Ik ken haar kwaliteiten. Kort voordat ze werd opgenomen, kreeg ze nog een uitnodiging om bij Pauw & Witteman of andere talkshow aan tafel haar WAO-herkeuringsdrama-verhaal te komen vertellen. Zij regelt dat als het moet, met haar opmerkelijke telefoonkwaliteiten. Maar de spanning van dat interview zou ze niet aankunnen, daarom heeft ze het niet gedaan. Kort daarop werd ze opgenomen en zo zit ze er nog steeds bij.
Bij mij is zij op haar gemak. Ik ook bij haar trouwens. Ik stel geen eisen, want dat is wat er bij haar fout ging. Dat degene die je opvoedt van je vraagt dat je iemand anders bent dan je bent. Dat je als het ware niet kunt leveren. Dat je je iedere dag leveringsonbekwaam voelt.
Zij is mijn verstopte geheimpje. Nu nog wel en op een dag niet meer. Ik heb vertrouwen in haar. Gewoon omdat ik dat heb én omdat het haar toekomt én omdat ik vind dat iedereen in het leven het recht heeft op tenminste één iemand die vertrouwen in je heeft. Daarom denk ik dat ze op een dag gewoon te voorschijn springt. “Kiekeboe, hier ben ik weer”.
De werkgever die haar dan in dienst neemt voor een uurtje per maand (meer zou ze waarschijnlijk niet aankunnen), om haar niet aan de zijlijn van onze maatschappij te laten staan, draag ik dan voor een prijs voor. Die werkgever krijgt er bovendien twee voor de prijs van een. Want ik denk dat ik haar dan zal begeleiden net zoals ik nu, binnen mijn beperkte mogelijkheden met werk en kids, een beetje voor haar zorg.
Sandra Kruijt
Zulke mooie dingen aan de voorkant
17/02/2010 om 11:55 · Ingedeeld onder real life - stories & interviews, work life balance
Soms word je opgeschrikt uit je gedachten. En soms word je echt opgeschrikt. Zo geschiedde. We hadden een leuke bijeenkomst gepland met onze groep ondernemende vrouwen. Ondernemers & vrouw. Leuk & goed om geregeld ervaringen uit te wisselen. Dit maal ging het niet door. Bij een van ons was een knobbeltje in de borst geconstateerd.
Het is inmiddels een jaar verder en we hebben het afgelopen jaar met veel bewondering naar T. gekeken. Ze heeft een heel zwaar jaar achter de rug. Twee operaties in een maand, zes chemobehandelingen met een tussenpoos van drie weken, zeven weken dagelijks bestralingen, hormoonbehandeling, ziek zijn, medicijnen, ziekenhuisbezoek, bijwerkingen, willen maar niet kunnen (werk bijv.), angsten, twijfels en hoop tot het verlossende woord komt. Bijzonder moedig ondergaan en op een ongelofelijke manier doorstaan, maar dat is een kwalificatie waarvan zij niet wil dat we die maken. Zij had immers geen keuze.
Het is een moeilijk onderwerp voor dit weblog, maar ik wil er toch over schrijven. Work life balance. Je kunt zoveel willen en zoveel plannen, maar soms ben je weerloos als het leven andere plannen met jou heeft. Daarom staat T. voor mij bovenaan in deze nieuwe rubriek, real life stories.
Daarnaast nog twee redenen voor dit T.-stukje. Allereerst omdat ik respect en bewondering voor haar heb en dat graag belicht. Ze vroeg de mensen om zich heen namen toe te sturen van mensen die zij kenden, die borstkanker hadden gehad en weer gewoon aan het werk waren. Binnen drie weken had ze een lijst van 150 namen. Die lijst hield haar gaande in het begin.
Later stuurde ze iedere 3-4 weken een mail rond. Zo bleven we op de hoogte van hoe het haar verging. Zij maakte de hoeveelheid contacten met anderen voor zichzelf behapbaar, in een tijd dat haar energie naar herstel uitging. Daarnaast maakte ze het makkelijk voor ons om contact met haar te onderhouden en onze reacties deden haar weer goed. Ongelofelijk knap, vond ik het. Dankbaar was ik dat ik de bijdrage kon leveren, die zij als het ware zelf mogelijk maakte.
Ten tweede wil ik er graag bij stilstaan vanwege de ondernemerskant van T.’s verhaal. Van de ene op de andere dag gaat de verzekering in die je in goede tijden hebt afgesloten: de arbeids-ongeschiktheidsverzekering. Je maakte zelf een keuze dat een wachttijd van een jaar wel te overbruggen zou zijn, dus dat uitbetaling pas na een jaar ziekte begint. Wel een verschil met een werknemer. Vanaf het moment dat het knobbeltje er ineens zit, tot een jaar later krijg je niets uitbetaald.
T. had het goed gedaan. Zij had die verzekering afgesloten. Er zijn er velen die op die dure arbeidsongeschiktheidsverzekering besparen. Dan heb je niets. Zelfs het jaar erna en het jaar daarna en de jaren daarna.
Het einde van het eerste ziektejaar kwam in beeld en haar verzekering zou gaan uitbetalen. Gaandeweg kom je erachter dat er aan de andere kant van de telefoonlijn de verzekeraar zit die eigenlijk misschien liever niet wil gaan uitbetalen. “Dat scheelt die verzekeraar toch een hoop geld” denken wij, vanuit gezond wantrouwen jegens verzekeraars in deze tijd. Tegen het einde van het eerste ziektejaar begon het schaakspel van T. tegen de verzekeraar. Here the funny part comes in. T. werd gebeld door wat zij “die mijnheer met lagere school” noemde.
“Hoe gaat het?” Alert (!), kleine rode lampjes knipperen (!), nooit zomaar het standaardantwoord geven: “ja, goehoed”. Heel kort door de bocht: dan zou die mijnheer met lagere school met zijn pen in zijn dossier schrijven dat T. weer aan de slag kon en kon zij fluiten naar haar centen.
T. pakte het weer slim aan. Ze werd begeleid door een bevriend arbeidsdeskundige met een gouden advies. “Normaal werkte je 60 uur in de week. Je bent pas hersteld als je voor je gevoel dát weer aankan. Alles wat daaraan vooraf gaat, is re-integratie, beetje opwarmen, beetje uitproberen”. En zo geschiedde. T. hielp mij met mijn business plan, beetje re-integratie voor haar, beetje boel brainpower voor mij.
Ik heb door T. ingezien hoe ongelofelijk veel vrouwen hiermee te maken krijgen. Er is een standaard protocol voor de behandeling. Ik heb mijn handtekening onder de petitie gezet om vrouwen op eerdere leeftijd op borstkanker te laten screenen.
Na een jaar is het verlossende bericht na de verlossende foto gekomen. Schoon.
We denken dat ‘ze’ er zijn. “Gelukkig, het is achter de rug voor haar”, denken wij. De realiteit is dat dan pas het verwerken kan beginnen van alles wat je in het jaar hebt meegemaakt. En dat langzaam verdergaande herstel. Stapje bij stapje herstelt het lichaam zich van al het vergif, de zorgen, de grote pijnen en kleine pijntjes. Dat gaat hand in hand met het zoeken naar zingeving na zo iets ingrijpends.
We wensen T. toe dat alles weggaat. Het enige dat nooit weggaat, vertelt ze, is die spanning voor dat doktersbezoek.
Toitoi, T!
Sandra
Balanceren – Balans leren: inleiding
02/12/2009 om 11:47 · Ingedeeld onder life balance, real life - stories & interviews, work balance, work life balance en van tags voorzien:De Balanstool Priorities.nu, kinderen en balans werk-privé, mannen en vrouwen, mentale balans, onbalans werk en privé, persoonlijk leiderschap, werkstress en preventie, www.opvoeddebat.nl
Zomer 2003 maakten wij veel mee. De jaren ervoor waren niet bepaald rustig geweest, met de (blije) geboorte van onze zoon en dochter en (verdriet over) het overlijden van mijn ouders. Maar zomer 2003 stond alles op zijn kop: het buurhuis ontplofte door een gasexplosie en ons eigen huis werd onbewoonbaar. Hoe onbewoonbaar, dat was op het 8 uur journaal te zien. Hoe gevaarlijk, dat was te zien bij het programma Weekend 112. De buurvrouw overleefde de gevaarlijke explosie en ook onze kinderen en oppas bleven ongedeerd.
Onze huizen waren ontploft, ontwricht of kapot (de explosie trof meer buren) en wijzelf stonden te trillen op onze grondvesten. Na een traumatische ervaring heb je tijd nodig om je evenwicht te hervinden. Bovendien moest ons huis herbouwd worden. Wij trokken tijdelijk in een woningbouwhuisje, ons toegewezen door de burgemeester in persoon.
Wat mij opviel in die tijd was dat mensen in die tijd gewoon aan mij vroegen: “hoe gaat het met je bedrijf”? Ik stond iedere keer versteld van die vraag. Hoewel het leven voor anderen door was gegaan, was ons leven stil gevallen, met de berg onverwacht werk die we voor onze kiezen kregen. U kent de verhalen wel van de mensen die met een verbouwing bezig zijn. Daar zaten wij ongewild ineens middenin en we konden weinig anders doen dan van keukenboer naar aannemer rennen en weer terug. Zes maanden later was het huis herbouwd en konden we terug. Twee verhuizingen binnen een half jaar verder, met tussendoor een herbouw van je eigen huis en met een schokkende gebeurtenis nog in je benen.
De vraag in die tijd “hoe is het met je bedrijf?” heeft me aan het denken gezet. Hoe kon het dat mensen mij die vraag stelden? Is het niet zo dat iedereen kan weten hoe druk je het hebt? Zien we misschien met zijn allen over het hoofd hoe tijdrovend sommige dingen zijn? Krijgen we daar misverstanden, spanning en stress van?
Gaandeweg heb ik het idee voor de Balanstool Priorities.nu – de berekening van de balans tussen werk en privé uitgedacht. In 2005 is de stap gevolgd om voor de ontwikkeling ervan een Europese subsidie aan te vragen. Eind 2007 is de balanstool Priorities.nu gelanceerd.
In de praktijk miste ik een boek waaruit ik kon putten om mijn balans tussen werk en privé vorm te geven. Ik merkte dat er geen boek was voor deze veranderde tijd waarin mannen en vrouwen werken en, zoals wij, er een gezin naast hadden. Wat voor mij niet bruikbaar bleek, waren de ‘blije boekjes’ met oppervlakkige, korte stukjes in verschillende glossystijlen. ‘Binnen vijf minuten je leven in balans’ en dat soort kreten: voor mij werkt dat niet.
Er is veel geschreven en een tijd heb ik me ervan laten weerhouden over dit onderwerp te schrijven. Nu geloof ik dat ik een goede bijdrage kan leveren. Gaandeweg is het onderwerp work life balance mijn onderwerp geworden. Ik wil graag mensen aan het denken zetten over de basis van een goede balans.
Sandra Kruijt